Untitled Studyset

Created by MEHDI SABERIABKOUHI

het huis
the house

1/51

TermDefinition
het huis
the house
het appartement
the apartment
de kamer
the room
de woonkamer
the living room
de keuken
the kitchen
de badkamer
the bathroom
de slaapkamer
the bedroom
de gang
the hallway
de deur
the door
het raam
the window
de muur
the wall
het plafond
the ceiling
de vloer
the floor
de tafel
the table
de stoel
the chair
de kast
the cupboard
het bed
the bed
het kussen
the pillow
de deken
the blanket
de lamp
the lamp
de televisie
the television
de koelkast
the refrigerator
het fornuis
the stove
de oven
the oven
de wasmachine
the washing machine
het tapijt
the carpet
de gordijnen
the curtains
de spiegel
the mirror
de plant
the plant
de klok
the clock
de sleutel
the key
de bel
the doorbell
schoonmaken
to clean
koken
to cook
slapen
to sleep
eten
to eat
drinken
to drink
lezen
to read
zitten
to sit
kijken
to watch
luisteren
to listen
werken
to work
rusten
to rest
wonen
to live
openen
to open
sluiten
to close
poetsen
to brush/clean
opruimen
to tidy up
wassen
to wash
het raam open doen
to open the window
het raam dicht doen
to close the window