actie
Een specifieke handeling die een actor kan uitvoer en en volgens bestaande wet- en regelgeving ook mag uitvoeren. De actor moet dus bevoegd zijn om de handeling uit te voeren. De acties van een actor vormen de handelingsruimte van die actor.
| Term | Definition |
|---|---|
actie | Een specifieke handeling die een actor kan uitvoer en en volgens bestaande wet- en regelgeving ook mag uitvoeren. De actor moet dus bevoegd zijn om de handeling uit te voeren. De acties van een actor vormen de handelingsruimte van die actor. |
actor | Een individu, groep of organisatie die relevant is voor de probleemanalyse omdat zij belang hebben bij en/of met hun acties invloed hebben op ten minste één factor. Kenmerkend voor actoren is dat ze handelingsvrijheid, percepties en preferenties hebben. |
Afwegingskader | Een methode die de probleemeigenaar helpt om een weloverwogen
keuze te maken uit mogelijke handelwijzen door op een controleerbare manier de verwachte gevolg en van alternatieven en de noodzakelijke belangen afwegingen inzichtelijk te maken. |
alternatief | Een specifieke handelwijze die de probleemeigenaar zou kunnen volgen. Een alternatief is meestal een combinatie van acties. |
belanghebbende | een actor die preferenties heeft met betrekking tot ten minste |
causale relatie | een causale relatie tussen twee grootheden A en B geeft de veronderstelling weer dat een verandering in A een verandering in B veroorzaakt. In geschreven tekst kun je zo'n relatie noteren als A>+B of A>-B waarbij het + of - de polariteit van de relatie aangeeft. In een systeemdiagram kan A ook een actie zijn. In dat geval betekend A>+B dat de waarde van grootheid B zal toenemen wanneer de probleemeigenaar actie A uitvoert. |
Causalerelatiediagram | een schematische weergave van de manier waarop de systeemtoestand verandert als een grootheid van waarde verandert. het diagram bestaat uit grootheden, genoteerd met enkel hun naam (optioneel omrand door een ellips) zonder eenheid. Een vloeiende pijl van grootheid A naar grootheid B geeft weer dat een verandering in A een verandering in B veroorzaakt. De polariteit van de beïnvloeding wordt met een + of _ dicht achter de punt van de pijl genoteerd. Een causalerelatiediagram heeft een impliciete tijddimensie: de verandering in B volgt (onmiddellijk of met enige vertraging) op de verandering in A. |
Client | Engelse term voor probleemeigenaar |
context setters | actoren die significante invloed op het systeem kunnen uitoefenen maar zelf geen direct belang hebben bij het veranderen van de systeemtoestand |
criterium | Een geoperationaliseerde doelstelling waarvan eenduidig kan worden bepaald of hij bij een gegeven systeemtoestand behaald is. |