Geschiedenis van de Filosofie 1 | lesweek 4 les 8: stoïcisme en scepticisme
Created by Ym C.S.
Wie zijn de grondleggers van de Stoa?
Zeno van Citum (344-262 v.C.) en
Chrysippus (279-206 v.C.). Chrysippus is ook de grondlegger van de propositie-logica.
| Term | Definition |
|---|---|
Wie zijn de grondleggers van de Stoa? | Zeno van Citum (344-262 v.C.) en
Chrysippus (279-206 v.C.). Chrysippus is ook de grondlegger van de propositie-logica. |
Wie zijn bekendere latere stoïcijnen? | Seneca (4 v.C. – 65 n.C.)
Epictetus (55-135 n.C.)
Marcus Aurelius (121-180), Romeinse keizer van 161-180 |
Kenleer - hoe onstaat kennis volgens Zeno? | 1) Phantasia (‘voorstelling’) “open hand”
2) Synkatathesis (‘instemming’) “gekromde vingers”
3) Katalêpsis (‘begrip’) “vuist”
4) Epistêmê (‘kennis’) “vuist omsloten door andere hand”
Bij één hoort wat van buiten bij ons binnenkomt, puur onveranderd. Bij twee hoort dat sommige dingen die binnenkomen onze aandacht trekken, en wij ons openstellen bepaalde informatie tot ons te nemen. Bij drie hoort dat je de informatie grijpt, je hebt de informatie vast en je laat het niet los. Bij vier hoort dat het pas kennis wodt als het aansluit bij alles wat we al weten van de wereld. Intellectuele inkapseling van datgene wat tot dan toe alleen maar acceptatie van een enkel feit was. |
Wat zijn de waarheidscriteria van Zeno? | A) Phantasia katalêptikê (‘begripsvormende voorstelling’)
B) Prolêpsis (algemeen natuurlijke notie/begrip; oerkennis bij oude dichters). |
De propositie-logica van Chrysippus: | Bij de logica van Chrysippus is de propositie zelf de kleinste eenheid; je gaat niet verder graven in proposities. Dit betekent aan de ene kant dat je minder flexibel bent; de stoïcijnen hielden zich niet meer bezig met het analyseren van proposities intern, maar dit gaf ook mogelijkheden, want dit betekende dat zij ook proposities aankonden die helemaal niet pasten in het systeem van Aristoteles. Bij Aristoteles moet elke zin een vorm hebben die lijkt op ‘Alle mensen zijn sterfelijk’; ‘Er is geen dag zonder nacht’. Er zit een vaste structuur in. Wat zou je nou moeten met een uitspraak zoals ‘het regent’?
Dus: de propositie is de kleinste eenheid, en Chrysippus zelf stelde vijf onbewijsbare syllogismen, die de basis vormden voor alle anderen. Ze waren ‘evident waar/geldig’, maar onbewijsbaar. |
De vijf onbewijsbare syllogismen van Chrysippus: | 1. Als het 1e dan het 2e, maar het 1e, dus het 2e. Modus ponens.
2. Als het 1e dan het 2e, maar niet het 2e, dus niet het 1e. Modus tollens.
3. Niet het 1e en het 2e, maar het 1e, dus niet het 2e.
4. Of het 1e of het 2e, maar het 1e, dus niet het 2e.
5. Of het 1e of het 2e, niet het 1e, dus het 2e. Of rood, of groen, maar het is niet rood, dus het is groen. ![]() |
De beginselen van de fysica: | Alles dat in de natuur te vinden is, kan ontleedt worden in iets passiefs, en iets actiefs dat daar structuur aan geeft. Verwantschap met Plato’s Ideeënleer: het actieve deel is de Ideeën, het passieve is de materie, die pas ècht iets wordt wanneer die deel krijgt aan een idee.
Verwantschap met Aristoteles: onderscheid vorm en materie.
De stoïcijnen menen, dat ook dat actieve beginsel, uiteindelijk lichamelijk is. Zij stellen dat alleen maar lichamen invloed op elkaar kunnen uitoefenen, en daarom moet alles gezien worden als lichamelijk geheel. Koppeling elementenleer: actief is vuur en lucht, passief is water en aarde. Maar, in zuivere elementen komen deze elementen nooit voor, wat betekent dat in het stoïcijnse wereldbeeld geen enkel stukje materie is, waar niet ook een actief element in zit. ![]() |
Sceptische kritiek: | . |
Fysica | de kosmos: wat wordt bedoelt met Pantheïsme? | God is overal (in de kosmos) (te vinden), in alles zit god. God is ook een naam voor het actieve beginsel, en het actieve beginsel zit overal in. De hele kosmos is een organische eenheid doortrokken van redelijkheid, die ook natuur en god wordt genoemd. |
Fysica | de kosmos: wat wordt bedoelt met Teleologie? | De stoa geloven net als Aristoteles dat onze kosmos doelmatig is. Ze gaan hier nog verder in dan Aristoteles, want die doelmatigheid is niet alleen te vinden in afzonderlijke levende wezens, maar het geheel is doelmatig. Het is één grote machine waarin alles met elkaar samenwerkt met één doel. |
Wat is het 'argument from design'? | als je kijkt naar de natuur, kun je zien dat het heel knap in elkaar gezet moet zijn. Kijk naar hoe alle levende wezens in elkaar zitten, dan zie je dat ze allemaal een doel hebben ten gunste van het geheel, en dat kan niet anders verklaard worden dan aannemen dat er een goddelijke ontwerper achter zit. |
Fysica | de kosmos: wat wordt bedoelt met Voorzienigheid? | Het plan van god is niet alleen doelmatig, maar ook voorzienend, het draagt zorg voor iets. Alles verloopt volgens een goddelijk plan ten bate van de mens. |
Fysica | de kosmos: wat wordt bedoelt met Determinisme? | God heeft elk detail uitgedacht en alles bepaald. Het hele wereldgebeuren ligt onwrikbaar vast: het noodlot.
De kosmos begint en eindigt in vuur (ekpurosis): daarna begint alles weer opnieuw, op precies dezelfde manier. Eeuwige terugkeer naar hetzelfde volgens de stoïcijnen. |
Ethiek | wat is het doel volgens de stoïcijnen? | Het doel is leven volgens de natuur, d.w.z. volgens de rede, d.w.z. volgens de deugd.
De rede is het belangrijkste onderdeel van onze natuur, en die rede komt tot uiting in deugd.
Oikeiosis: het jezelf stapsgewijs toeëigenen van de wereld/de hele kosmos. De ware stoïcijnse wijze is niet langer verbonden 1 plekje/1 set omstandigheden maar weet voor zover menselijk mogelijk kosmisch perspectief aan te nemen. |
Wat zijn inwendige en uitwendige zaken? | Inewendige zaken zijn zaken waar wij controle over hebben, en alleen die kunnen goed of slecht zijn.
Uitwendige zaken zijn moreel indifferent, wij hebben er geen controle over. Geen controle betekent namelijk dat we geen verantwoordelijkheid over deze zaken hebben. Het valt buiten onze classificatie en is niet voor ons beter of slechter worden als mens relevant. Dit besef leidt tot absolute autarkeia (onafhankelijkheid). |
Apatheia | Stoïcijnen waren streng tegenover emoties. Leg dit uit. | Zoals de meeste mensen hun emoties beleven, hebben emoties altijd te betrekking op uitwendige zaken. Dingen waar we bang voor zijn/op verheugen.
Er is een impliciet oordeel in verbonden, we denken ten onrechte dat iets uitwendigs goed of slecht is. Alleen inwendige zaken zijn goed of slecht.
Je kon bijvoorbeeld wel medelijden hebben, maar dan moest je je beseffen dat waar je medelijden mee had een externe zaak was. |
Scepticisme kwam op in de academie van Plato, maar werd vernoemd naar Pyrrho. Wie waren de belangrijke vertegenwoordigers van de sceptici? | 1. Arcesilaüs (315-240 v.C.)
− Kritiek op Stoïcijnse phantasia katalêptikê (‘begripsvormende voorstelling’): eieren, zandkorrels,
tweelingen
− To eulogon (‘het redelijke’) als criterium voor handelen
2. Carneades (214-129 v.C.)
− Phantasia pithanê (‘overtuigende voorstelling’) als alternatief voor Stoïcijnse phantasia katalêptikê, als
basis voor handelen èn onderzoek
3. Philo van Larissa (ca. 160-83 v.C.) en Cicero (106-43 v.C.)
− Afweging van en beredeneerde keuze uit bestaande theorieën: eclecticisme
4. Marcus Tullius Cicero (106-43 v.C.)
• Redenaar; Staatsman; Filosoof: auteur van filosofische dialogen
• Latinisering van Hellenistische filosofie
• Popularisering van Hellenistische filosofie & Kritische vergelijking van Hellenistische scholen |
Pyrrho van Elis: wie was het? | Pyrrhonisme was geïnspireerd door Pyrrho van Elis (3e eeuw v. Chr.). Het was gevestigd door Aenesidemus (1e eeuw v. Chr.), mogelijk dissident uit Sceptische Academie. Het was bekend geworden door het werk van Sextus Empiricus (2e eeuw n. Chr.) |
Pyrrhonisme | .. | .. ![]() |
Wat zijn de verschillen tussen de Academie en het Pyrrhonisme? (Kenleer) | Kenleer:
- Academie: zekere kennis onmogelijk maar ruimte voor probabilisme, onwaarschijnlijkheid.
- Pyrrhonisme: geen uitspraak: de zoektocht naar waarheid blijft doorgaan. Uitspraak hierover vinden ze dogmatisch. |
Wat zijn de verschillen tussen de Academie en het Pyrrhonisme? (Ethiek) | - Academie heeft geen ethisch doel van zichzelf.
- Pyrrhonisme ethisch doel: ataraxia. |
Wat hebben de Academie en het Pyrrhonisme gemeen? | Ze gebruiken de zelfde soort argumenten, ook het Pyrrhonisme kon dol op kritiek op andere scholen zijn. Ze hebben veel van elkaar geleend. |
Welke twee categorieën van de werkelijkheid onderscheidt Epictetus? | Wat wel en niet in onze macht ligt. We moeten ons beperken tot wat wel in onze macht ligt. |
Wat moeten we vermijden, volgens Epictetus?
En waar moeten we naar streven? | Onnatuurlijke dingen moeten we vermijden.
.. ![]() |
De stoïcijn mag alleen liefde koesteren onder deze voorwaarde: | je moet zeggen wat voor soort iets het is wat je koestert, zodat je niet "in verwarring gebracht wordt wanneer het sterft" |
Je houding bij elke activiteit moet zijn: | wees bewust van je keus, wees voorbereid, en "realiseer het" |
Wat is Epictetus' opvatting over de dood? | - ![]() |
Cicero:
Waarop zijn onze plichten gericht?
Waarom zou hieruit het misverstand kunnen ontstaan dat er twéé hoogste goederen zijn?
En welke twee zouden dat dan zijn? | Natuurlijke uitgangspunten -> de natuurlijke principes verkrijgen, maar niet in de zin dat dit het hoogste goed is -> in overeenstemming met de natuur en sporen ons aan om ze na te streven.
De taak om met speer/pijl doel te raken; je hoogste doel is dan dat je je best doet om het te raken, en niet het raken zelf. Dat hij het doel raakt zou niet na te streven zijn? ![]() |
Marcus Aurelius
Hoe denkt MA over de vrije wil van de mens?
Hoe moeten wij omgaan met tegenslagen?
Hoe moeten wij ons verhouden tot onze medemensen?
Hoe verhoudt, volgens MA, de filosofie zich tot het keizerschap?
(Afmaken) | De vrije wil van de mens: geef over aan Clotho en laat haar je levenslot verkiezen. (Clotho is 1/3 schikgodinnen, spinster die je lot bepaalt.)
-
"Ik heb geluk dat ik, terwijl mij dat overkomen is, verder leef zonder dat ik eronder lijd, ongebroken door het heden en onbevreesd voor de toekomst. Want iets dergelijks kon iedereen overkomen, maar niet iedereen zou vervolgens verder geleefd hebben zonder eronder te lijden."
-
"Aan de ene kant is de medemens ons het allernaast, in zoverre we hem
goed moeten doen en verdragen. Maar in zoverre bepaalde mensen mijn eigen
activiteit in de weg staan, wordt de mens voor mij iets indifferents, niet anders
dan de zon, de wind of een wild dier." |
Een dogma volgens Sextus:
(Afmaken) | instemming met een van de niet-evidente zaken die nog voorwerp van wetenschappelijk onderzoek zijn.
Sceptici zijn niet dogmatisch; de dogmaticus stelt dat datgene waarvan men zegt dat hij het als dogma aanvaardt werkelijk bestaat, maar de sceptici gebruiken die formules niet als absoluut waar. Voor een sceptici is ook de formule zelf een leugen. |





